Reis mee naar werken in 2030

Ondanks de crisis en loonstop willen zes op de tien Belgen een loonsverhoging. Een op de twee vindt dat iedereen 40 jaar moet werken, maar weinigen willen dat zelf doen. En liefst tweederde vindt dat de werkgever de werkdruk moet verlagen. Liever via flexibiliteit dan thuiswerk. Dat blijkt uit een studie van het Europees Sociaal Fonds – Agentschap Vlaanderen, in samenwerking met Trendhuis/Bexpertise, SD Worx, Belgacom en Microsoft.

4.000 Belgen en een dertigtal decision & opinion makers werden aan de tand gevoeld over hoe zij werken anno 2030 (willen) zien. Hieruit blijkt ondermeer dat de Belg thuiswerken redelijk overroepen vindt en dat vooral de werkdruk verlaagd moet worden.

Statische arbeidsmarkt

Zes op de tien Belgen veranderde het laatste decennium niet van werkgever. Bij 50+’ers is dat zelfs acht op de tien. Bovendien plant slechts een minderheid om in 2013 de ogen te openen voor een nieuwe werkgever, namelijk 13% van de Belgen en 9% van de 50+’ers. “In reistermen kan je stellen dat we liever een Benidormbelgen dan globetrotters zijn”, zegt trendonderzoekster Nathalie Bekx. “We zijn een weinig avontuurlijk volk dat graag voor zekerheid kiest. De crisis versterkt dat alleen maar.” Tegen 2030 wordt jobflexibiliteit een must, maar vandaag staan we nog niet ver.

Digitale kloof

Technologische snufjes zoals videoconferentie, social media en smartphones laten ons beter werken, vindt een op de twee Belgen. Maar er is een keerzijde aan de medaille: bijna de helft van 51-65-jarigen (46%) vindt het moeilijk om met de technologie bij te blijven. Een cijfer dat best wel hoger ligt dan het gemiddelde van 32%. Van een digitale kloof tussen jongeren en ouderen is dus wel degelijk sprake, al is deze niet gigantisch.

“Een mens blijft een mens en daarom moet technologie zo natuurlijk mogelijk te gebruiken zijn”, weet Erik Pelemans, business group lead van Microsoft. “Dat betekent voor ieder individu iets anders, en daar moet technologie op inspelen. Stel je voor: een pc die ziet naar welke hoek op je scherm je kijkt, begrijpt waar je naar op zoek bent en daarop inspeelt.”

Opslag graag

De crisis en de loonstop zetten voor veel Belgen een deksel op loonsverhogingen. Dat creëert teleurstelling, want zowat zes op de tien Belgen wensen een hoger loon. Vooral jongeren zijn hongerig naar opslag: 67% van 20-35-jarigen wenst loonsverhoging, tegenover 62% van de 35-50-jarigen en 47% van de 50+’ers. Mannen en vrouwen verschillen niet op dit vlak. Nathalie Bekx: "Dat vooral jongeren vaker een hoger loon willen, komt doordat ze enerzijds al het laagste inkomen hebben van alle generaties, en anderzijds een heleboel plannen koesteren, zoals een huis kopen of reizen. Toch is het opvallend dat bijna een op de twee ('dure') 50+'er nog steeds een hoger inkomen wil. En dat terwijl onder meer de hoge loonkost van ouderen voor weinig jobkansen binnen de leeftijdsgroep zorgt."

Rest de vraag waarvoor we betaald willen worden. Liever voor werkuren dan voor resultaten, aldus vier op de tien Belgen. Drie op de tien verkiest daarentegen verloning op resultaat en de resterende drie op de tien heeft er geen mening over. Vrouwen (45%) worden liever dan mannen (36%) uitbetaald volgens werkuren.

Vrouwen op rand van doorbraak?

“We beleven momenteel de aanloop naar een ‘war for talent’. De uitgelezen kans voor vrouwen om door de glazen plafonds te breken en de arbeidsmarkt te verrijken met oestrogeen”, weet Louis Vervloet, algemeen directeur van het ESF-Agentschap Vlaanderen.  Daar staat echter tegenover dat twee op de drie vrouwen het rustiger aan willen doen, om voor hun gezin te zorgen. Daarom dat deskundigen als Fons Leroy (VDAB) pleiten voor het ‘Scandinavische model’: daar krijg je tussenpauzes, bijvoorbeeld voor de opvoeding van je kinderen. Ter compensatie wordt je loopbaan dan langer. Zo kunnen vrouwen of mannen die enkele jaren meer tijd willen investeren in de opvoeding van hun kinderen toch nog een topcarrière uitbouwen zonder plafonds.”

Liever flexibiliteit dan thuiswerk

Ondanks de crisis zijn we minder dan vorig jaar bereid om toegevingen te doen naar de werkgever toe. De limieten waren toen al bereikt. Nu is nog maar een kwart bereid om lange tijd onder stress te werken wanneer het erop aan komt om hun job te behouden. Drie op de tien Belgen zijn bereid om één uur of langer onderweg te zijn naar het werk en amper 14% blijft op een job waar hij niets leert. Anderzijds verwachten werknemers wel flexibiliteit vanwege hun werkgever, denk aan glijdende uren, gecompenseerde overuren, loopbaanonderbrekingen of de mogelijkheid tot thuiswerken.

Een op de drie Belgen gelooft dat hij op termijn thuis zal werken. Bijna de helft zou het appreciëren dat de werkgever nu al thuiswerk mogelijk maakt. Waarom? Voornamelijk om werk en privé te kunnen combineren (zegt 49%), en in mindere mate om meer werk te verrichten (22%) en sneller te werken (18%).

Thuiswerk gaat echter ten koste van sociale contacten op de werkvloer, en die blijven voor 87% erg belangrijk. Schouderklopjes en babbeltjes aan de koffieautomaat zijn tijdloos en van onschatbare waarde. Werkgevers kunnen dus maar beter vormen van thuiswerk implementeren, zonder daarin te overdrijven. Het is de werknemers immers te doen om flexibiliteit, niet om thuiswerk als dusdanig.

40 jaar werken

De helft van de Belgen vindt dat iedereen minstens 40 jaar van aan de slag moet zijn om recht te hebben op een volwaardig pensioen. Maar slechts 27% wil zelf effectief werken tot 65 jaar of langer. Hoe ouder men wordt, hoe groter de tegenstrijdigheid. Een lichtpuntje: jongere generaties willen langer dan ouderen aan de slag blijven, of hebben zich er alvast bij neergelegd dat het niet anders kan. Tegen 2030 zijn we dus vaker bereid om langer aan de slag te blijven. Vrouwen (23%) zijn minder vaak dan mannen (30%) bereid om tot na hun 65ste aan de slag te blijven.

Teveel aan stress

“We willen niet langer werken omdat we de stress niet meer aankunnen”, waarschuwt Louis Vervloet van het ESF-Agentschap Vlaanderen. Dat komt overeen met de cijfers. Deeltijds werken is immers de nummer één vereiste bij 50+’ers (65%) om langer te kunnen werken en minder werkuren (62%) staat op de tweede plaats.

De werkdruk ligt te hoog en daar moet onze werkgever wat aan doen, zo vinden twee op de drie Belgen. Daarnaast moeten ze volgens driekwart van de Belgen werk maken van omgang met stress. De situatie is het meest nijpend bij bedienden en Belgen tussen 36 en 65 jaar. Erg optimistisch is de Belg overigens niet. Ruim zes op de tien is van mening dat de werkdruk de komende tien jaar nog zal toenemen.

Heeft deze studie uw interesse gewekt? Bestel nu bij het ESF-Agentschap de volledige publicatie!

Bijlagen: